Blog van Boris in Israël!

De laatste... - Een Ode aan een bijzondere plek

Hallo allemaal,

Het is de laatste tijd wat stil geweest… maar nu ik deze bijzondere plek bijna achter mij ga laten wilde ik jullie graag nog een laatste keer meenemen in mijn ervaringen hier. Het is een lange blog geworden… maar in mijn ogen zeker de moeite waard. De laatste weken zijn vooral erg druk en chaotisch geweest. Het nadeel van 8 vakken tegelijk volgen is dat je op het einde ook heel veel tentamens en verslagen in één keer moet doen. Iedereen hier was dus vooral druk met school, en met het WK volgen natuurlijk… ik heb daardoor helaas niet zoveel meer kunnen rondreizen als ik had gewild. Gelukkig is mijn lieve vriendin nog een weekje langsgekomen en hebben we samen nog een laatste keer genoten van Jeruzalem en van Tel Aviv.

Nu het einde nadert heb ik geprobeerd deze waanzinnige vijf maanden op een rijtje te zetten… en ik kan niets anders dan stellen dat het een van de mooiste ervaringen uit mijn leven is geweest. Ik heb tijdens mijn tijd hier vaak de vraag gekregen waarom ik uitgerekend Israël heb gekozen. Ik heb er eigenlijk nooit een passend antwoord op kunnen vinden. Ik wou uit mijn comfortzone stappen, en voelen hoe het is om te leven in een land waar werkelijk alles anders is. En dat is gelukt. En hoewel ik misschien wel nooit de reden zal weten waarom ik uiteindelijk nou hier terecht ben gekomen, heb ik talloze redenen gevonden waarom ik hier wel zou willen blijven. En die redenen wil ik graag met jullie delen.

Tijdens mijn 5 maanden hier heb ik vaak alleen door het land gereisd. Toch heb ik me zelden alleen gevoeld. Want als ik waar dan ook even op een bankje neerplofte duurde het nooit lang voor er iemand een gesprekje aanknoopte. Die openheid van mensen, met oprechte interesse in een ander zonder te weten waar deze persoon überhaupt vandaan komt, is iets wat ik heel erg ben gaan waarderen.

Verder is het een plek van ongelofelijk grote tegenstellingen. Tel Aviv is na San Francisco en Amsterdam de meest homovriendelijke stad ter wereld. Het voelt alsof iedereen daar de kans krijgt om zichzelf te zijn. En amper 70 kilometer verderop ligt Jeruzalem. Een plek die voor honderden miljoenen Christenen, Moslims en Joden een van de belangrijkste plekken op aarde is. De tegenstelling kan bijna niet groter, en toch kunnen deze steden niet zonder elkaar. En natuurlijk is er ook van alles mis met dit land. Er gebeuren heel veel dingen waar ik en ook heel veel Israëliërs het niet mee eens zijn. En toch respecteert iedereen elkaar. Niemand zal raar opkijken als je hier op een warme dag in bikini over straat loopt, net zomin als mensen raar op zullen kijken als een Orthodoxe Jood zich in vol ornaat door de stad begeeft. Tijdens Sjabbat lopen deze Orthodoxe Joden door de straten om mensen aan te sporen naar huis te gaan, naar familie toe, om samen met elkaar het geloof te belijden. En als iemand vriendelijk bedankt en zegt dat hij/zij van plan is te gaan stappen vanavond, dan hoor je slechts “Beseder, layla tov...” oftewel prima en een fijne avond.

Ik durf wel te zeggen dat dit land in zijn tegenstellingen en onderlinge verdeeldheid een unieke plek op aarde is. Zowel op sociaal-, cultureel- en op politiek vlak zijn Israëliërs het nooit met elkaar eens. Maar naar de buitenwereld toe vormen zij één front, en strijden zij tezamen voor hun dierbaarste bezit; het land. Ik ben tijdens mijn tijd hier een heleboel dingen tegengekomen die mij niet aanstonden, maar ik heb nog nooit een Israëliër ontmoet die niet bereid was hierover te praten of met mij in discussie te gaan. Doordat generaties hier opgroeien in een langlopend conflict, is vrijwel iedereen zich bewust van de situatie om hem of haar heen. Toen er op de universiteit een keer een bijeenkomst werd georganiseerd over het conflict en de situatie, en toen er vervolgens een nogal rooskleurig beeld geschetst werd enkel vanuit Israëlisch perspectief, waren het de Israëlische studenten die er wat van zeiden. “Schets dan ook het hele plaatje” werd er geroepen. En hoewel heus niet iedereen dit gedaan zou hebben, deed dit mij beseffen dat er in dit land ruimte is voor allebei.

Ik heb het voorrecht gehad om hier over dit land en deze regio te leren, les te krijgen van oud-ministers, voormalig burgemeesters en nationale-veiligheid experts. Dit is een ontzettend waardevolle ervaring geweest waar ik nog veel profijt van zal hebben in mijn leven. Ik weet nu namelijk ook dat wat de NOS je dagelijks voorkauwt soms echt niet allemaal klopt, of in ieder geval een vertekenend beeld geeft. Ik weet ook dat de Israëlische kranten wat dat betreft geen haar beter zijn. Of zeg maar gerust vrij lachwekkend.

Dit is ook een land van tegenstellingen die ik wellicht nooit zal kunnen begrijpen. In de rij staan bestaat hier niet en voordringen is bijna een goede en gewenste eigenschap. Aan de andere kant staat hier iedereen keurig netjes op voor een ouder iemand in de bus, maar zijn er ook vrouwen van amper 30 die graag misbruik maken van dit gebaar. In dit land kan je nog altijd een winkeltje beginnen waarin je niets anders dan olijven, afstandsbedieningen, of deurknoppen verkoopt. Een land waar iedereen zonder morren 6 euro voor een tube tandpasta betaalt, maar een vers belegd broodje falafel met een berg groenten niet meer dan 2 euro mag kosten. Een land waar elke woning, flat, school of overheidsgebouw een schuilkelder moet hebben waar iedereen in past. Maar ook een land waar ze je op het vliegveld moeiteloos urenlang ondervragen over of je die badslippers als cadeau voor je tante wel écht zelf hebt ingepakt.  

Toen ik vandaag op mijn laatste dag hier wat bier ging halen bij de supermarkt gebeurde er iets grappigs. De man achter de toonbank vroeg om mijn legitimatie en toen hij een vreemd blauwgekleurd Nederlands ID onder ogen kreeg mompelde hij: “Oh you are a tourist… then it’s fine”. Zucht, altijd maar weer dat “tourist”. Toen ik zei dat ik hier al 5 maanden was haalde hij zijn schouders op en mompelde vervolgens “Welcome to Israel”. Toch vreemd om na bijna een halfjaar nog steeds welkom te worden geheten terwijl je op het punt van vertrekken staat. Er zit echter wel een kern van waarheid in. Ik denk dat zolang je de taal niet machtig bent, je nooit echt als een gelijke behandeld zult worden. Dit is ergens ook wel logisch. En nu spreek ik best een klein woordje Hebreeuws, maar de volgende keer ga ik toch meer moeite doen om de taal echt goed onder de knie te krijgen.

Als afsluiter heb ik een gedicht geschreven over deze bijzondere plek. Een plek die ik na 5 maanden in mijn hart heb gesloten, en waar ik nog vaak hoop terug te komen. Goed, een ode dus…

Een Ode

Israël is het land wat iedereen kent door de reportages over strijd en gevechten, of als er weer een nieuwe oorlog dreigt te beginnen. Het land dat verder eigenlijk alleen de voorpagina haalt als het het songfestival weet te winnen. 

 Israël is een land dat zich precies even ver van Europa als van Afrika en Azië bevindt. Een land waar je na decennia van immigratie, origine van elk continent terug zou kunnen vinden in een enkel kind. 

 Het land waar je geweest moet zijn, zelfs als je het vanwege de politieke lading liever mijdt. Al is het slechts om te aanschouwen hoe de krantenkoppen verschillen van de dagelijkse realiteit. 

 Je zal een land zien waar gepensioneerde mannen hun oude dag slijten lurkend aan een waterpijp, zittend op hun eigen stoep. Een land waar je identiteit bepaald wordt door religie, in plaats van door kleding, een auto of door je beroep. 

 Een land dat je misschien wel helemaal geen land mag noemen, dat ligt simpelweg aan wie je het vraagt. Een plek waar de eerste herinneringen aan het conflict zo ver weg zijn, dat ze na zeven decennia bijna volledig zijn weggevaagd. 

 Een plek die door religie opgesplitst werd in tweeën, maar waar je aan beide kanten een bezoek kunt brengen aan kerken, synagogen en aan moskeeën. 

 Een plek waar misschien wel nooit een oplossing voor wordt gevonden. Een plek die zo’n oplossing wel verdient, het liefst eentje zonder doden en gewonden. 


Als laatste wil ik iedereen bedanken voor de lieve reacties die ik de afgelopen maanden heb mogen ontvangen. Ik vond het ontzettend leuk om mijn tijd hier op deze manier met jullie te delen. En ik kan niet wachten om jullie allemaal snel weer in het echt te zien.

Toda gaba! 

Boris

BLOG 6 - ‘Oorlog’, Hollandse Kaas en het Eurovisie Songfestival. 

Hallo iedereen,

Het is alweer veel te lang geleden. Daarom maar weer eens een nieuwe blog! Genoeg te vertellen namelijk. Voor wie het gemist heeft, Israël heeft gister het Eurovisie Songfestival gewonnen. En wie zoals ik dacht dat dit slechts de bijlage van het nieuws zou halen, die heeft het mis. Duizenden mensen zijn vannacht in Tel Aviv de straten op gegaan om de overwinning te vieren. Vaderlandsliefde zit bij de meeste Israëli’s heel diep, maar toch was ik als nuchtere Hollander met stomheid geslagen. Iedereen hangt vandaag de Israëlische vlag buiten en viert deze ‘historische overwinning’ van het land.  Voor wie de Israëlische inzending en het bijbehorende nummer niet heeft gezien, het is de moeite waard dit even op te zoeken. Een vrouwelijke artiest genaamd Netta stuitert over het podium waarbij ze tijdens grote delen van het nummer een kip nadoet. Althans, zo klinkt het. Desalniettemin is zij hier een volksheld en heb ik het nummer de afgelopen weken al honderden keren voorbij horen komen. Weinig mensen hadden echter verwacht dat Israël ook daadwerkelijk zou winnen, maar dat gebeurde dus wel. Israëli’s houden nogal van nationale feestdagen. Ik heb dan ook zo’n vermoeden dat vanaf nu 13 mei voor altijd de ‘Dag van de Overwinning’, of iets in die trant, zal zijn.

Maar goed, genoeg daarover. Ook politiek gezien is het op z’n zachtst gezegd onrustig hier. Premier Netanyahu heeft de afgelopen weken er alles aan gedaan om Trump zich terug te laten trekken uit het Iran-akkoord, en dat is gelukt. Iran, aardsvijand nummer één van Israël, is niet blij met Israëls inmenging en vlak na Trump’s mededeling leek het er echt even op dat de boel ging escaleren. Het leger van Iran zit wijdverspreid door heel Syrië en dus ook vlakbij een deel van de Israëlische grens in het noorden van het land. Dit is voor Israëliërs echter niks ongewoons. Ik hoorde zelfs een jongen op de universiteit zeggen dat hij vurig hoopte dat het oorlog zou worden. Op die manier moest hij naar het front en zou die zijn statistiek-toets automatisch gehaald hebben. Juist ja. Gelukkig is het daar nog niet ontbrand en hoef ik me hier in Tel Aviv al helemaal nergens zorgen over te maken. Alhoewel, deze week zal Trump ook beginnen met het verplaatsen van de Amerikaanse ambassade uit Tel Aviv naar Jeruzalem. Dit ligt bij de Palestijnen ontzettend gevoelig omdat Amerika hiermee impliceert dat Jeruzalem de hoofdstad is van Israël, en niet van Palestina. De Israëliërs zijn natuurlijk dolblij met dit besluit. Zo heeft bijvoorbeeld de voetbalclub Beit Tar Jeruzalem, een van de grootste (en meest extreme) voetbalclubs van het land, besloten een naamswijziging door te voeren. De club gaat voortaan door het leven als Beit Tar Trump Jeruzalem. En niemand hier die daar raar van op kijkt hoor.

Wat betreft het gewone leven hier, dat kabbelt rustig voort. Ik geniet echt van het leven in Israël en voel me gelukkig en op mijn plek. De laatste weken ben ik wat minder in Tel Aviv geweest, maar dat heeft een goede reden; Israëlische buschauffeurs. Iemand vertelde mij dat al deze jonge gasten hun groot-rijbewijs tijdens de dienstplicht in het leger gehaald hebben en daarna maar buschauffeur zijn geworden. Ik geloofde dit meteen aangezien elke buschauffeur hier nog steeds rijdt alsof ie een lading kruisraketten zo snel mogelijk bij het front moet zien te krijgen. Een busrit hier levert je gegarandeerd drie blauwe plekken op. Gelukkig zijn er ook Israëlische gewoontes waar ik ontzettend van geniet. Zo mag je hier in plaats van ‘Pardon mevrouw’ gewoon keihard ‘YALLA’ schreeuwen als iemand je voor de voeten loopt. En iedereen, inclusief de kleinste en oudste Israëli’s, weten hierbij moeiteloos het volume van een luchtalarm te produceren.

Wat dat ‘YALLA’ betreft ben ik inmiddels goed ingeburgerd, maar dat lukt helaas nog niet altijd. Zo ging ik laatst met wat vrienden een pizza eten op het terras. Toen de serveerster vroeg wat ik wilde drinken stamelde ik ‘ehh… coca?’ als een soort onlogische middenweg tussen Coca-Cola en gewoon Cola. De serveerster keek me enigszins geschrokken aan en vroeg “Cola?” waarop ik ja knikte en ze zich snel uit de voeten maakte. Mijn vrienden hadden ondertussen hun lachen maar nauwelijks kunnen inhouden en vertelde me dat ‘Koka’ de Israëlische benaming voor cocaïne is. Die arme serveerster dacht dus waarschijnlijk dat ik naast een pizza hawaii ook graag een grammetje cocaïne had gewild. Achja, wat doe je eraan.

Het goeie nieuws is dat ik dus wel inmiddels een leuke vriendengroep heb opgebouwd en ook met mijn huisgenoten kan ik het nog steeds goed vinden. Ik begin ze steeds beter te leren kennen en ben tot de conclusie gekomen dat Amerikanen gewoon erg grappig zijn om mee samen te wonen. Tucker slijt zijn dagen vooral met binnen zitten en lekker eten. Niks mis mee hoor, maar ik vrees dat ik in twee maanden tijd al meer van Israël heb gezien dan hij gedurende drie jaar zal doen. En toen hij vertelde dat hij een halfjaar lang vlak buiten New York City woonde maar nooit de moeite heeft genomen om Manhattan te bekijken sloeg ik toch wel steil achterover. Toch mag ik hem graag, net als Dylan. Die is wat actiever en daar trek ik dan ook wat meer mee op. Zo nam hij me laatst mee naar zijn favoriete kaasboer omdat ze daar een kaas verkochten die ik ongetwijfeld heerlijk zou vinden. Hij was enigszins teleurgesteld toen hij erachter kwam dat ‘gooda’ een stad in Nederland was en ik de kaas dus maar al te goed kende. Maar ach, hij bedoelde het goed!

Deze week gaan we met zijn drieën naar Maccabi Tel Aviv tegen Beit Tar ‘Trump’ Jeruzalem. Een beetje de Feyenoord – Ajax van Israël. Dat wordt vast leuk! En verder komen er de komende weken een heleboel mensen langs hier in Israël wat ik natuurlijk fantastisch vind!

Daarover vertel ik jullie de volgende keer. Dan hopelijk ook weer wat foto’s!

Shavuat tov oftewel een fijne week iedereen! En tot snel!

Boris

Blog 5 – ‘Wakef walla ana batuchak!’

Shalom iedereen!

Hier weer een kleine update over hoe het mij vergaat in het Midden-Oosten. De afgelopen twee weken waren, in tegenstelling tot de eerste maand dat ik hier was, vrij rustig en niet waanzinnig spectaculair. Daarom dit keer een blog over het ‘gewone leven’ hier in Israël. Want er is gelukkig nog genoeg leuks wat ik jullie nog niet heb verteld!

De afgelopen twee weken stonden hier in het teken van herdenkingen, ceremonies en feestdagen. Want met de rijke geschiedenis van het land, zijn dat er nogal wat. Allereerst was er de Holocaust Memorial Day, zoals je zult begrijpen een erg serieuze aangelegenheid hier. ‘s Ochtends om 10 uur ging er in het hele land een sirene af als startschot van twee minuten stilte. Erg indrukwekkend omdat iedereen in het hele land niet alleen 2 minuten stil is, het leven zelf staat ook eventjes stil. Zelfs op de snelweg stoppen alle auto’s en stappen mensen uit om de oorlogsslachtoffers te herdenken. Op de universiteit, waar ik die ochtend was, werden speeches gegeven en persoonlijke verhalen gedeeld. Waar ik geen rekening mee gehouden had was het feit dat die dag daadwerkelijk alles dicht was, waardoor ik voor het eerst in mijn leven yoghurt met muesli als avondeten had..

Diezelfde avond had de internationale studentenvereniging hier een herdenkingsevenement georganiseerd zodat wij konden meemaken hoe Israëliërs die dag beleven. Er waren wat opa’s en oma’s opgetrommeld om hun ervaringen te delen en iemand had zijn woonkamer beschikbaar gesteld. Die was echter niet berekend op 120 mensen waardoor sommigen het evenement op de slaapkamer moesten volgen via een babyfoon… ja, echt waar!

Precies een week later was het Memorial Day for the Fallen Soldiers gevolgd door Independence Day de dag erna. Zoals een Israëlische student het verwoordde, de verdrietigste dag van het jaar gevolgd door de vrolijkste. Op Memorial Day staan de Israëliërs stil bij alle omgekomen soldaten en burgerslachtoffers sinds de oprichting van 1948. Omdat Israël best een klein land is, en iedereen vanwege de dienstplicht in het leger heeft gezeten, kent vrijwel iedereen wel iemand die is omgekomen ‘in de strijd voor het vaderland’. Opnieuw was er ’s ochtends twee minuten stilte en waren er bijeenkomsten georganiseerd op de universiteit. De sfeer was de hele dag enigszins bedrukt op een manier die ik eerlijk gezegd nog nooit heb meegemaakt, maar ’s avonds was het gelukkig tijd voor feest! Volgens de joodse kalender begint en eindigt een dag namelijk bij zonsondergang, waardoor die avond de festiviteiten voor Independence Day al begonnen! Even had ik het feest nog bijna gemist, want toen iedereen zei dat het feest donderdag zou zijn had ik dus nog niet uitgevogeld dat ze daar eigenlijk woensdagavond mee bedoelde…


Gelukkig kwam ik er dus op tijd achter en trok ik die avond samen met mijn Amerikaanse roomies naar Tel Aviv om ons in het feestgedruis te storten. Grote straten en pleinen waren afgesloten en heel Israël was uitgelopen om feest te vieren. Een soort Israëlische koningsnacht zou je kunnen zeggen! We eindigden de avond in wat volgens Dylan de beste bar van de stad zou zijn. Gek genoeg bevond deze zich in de parkeergarage onder een tankstation… maar goed het was gezellig, dat dan weer wel!


De universiteit had ons vanwege de festiviteiten 3 dagen vrijaf gegeven die vervolgens precies samenvielen met het weekend, waardoor ik eigenlijk gewoon weer een week vakantie had. Ja vakantie vieren dat kunnen die Israëliërs wel, neem dat maar van mij aan. Na een paar dagen onze kater kwijtraken op het strand gingen we deze week terug de schoolbanken in. De internationale studentenvereniging had als toetje nog een Hummus-party georganiseerd. Tsja, spreekt eigenlijk voor zich toch? Onder het genot van veel te veel hummus raakte ik aan de praat met wat Israëlische studenten. We kletsten wat over de vakantie en zo kwamen we uit bij mijn vakantieavonturen bij de Palestijnen. Voor Israëliërs is het ten strengste verboden om Palestijns gebied te bezoeken en dus was iedereen best nieuwsgierig naar wat ik te vertellen had. Al gauw zat er een groepje om mij heen en werd ik bestookt met vragen. Spreken ze daar Engels dan? Was je niet bang? Zijn de vrouwen daar knap? Hoe erg zag je de haat tegen Israël? Enigszins uit het veld geslagen door al deze vragen begon ik door te zeggen dat ik een supertoffe tijd gehad had daar. Een opmerking die me hoogstwaarschijnlijk wat potentiele vrienden heeft gekost, maar goed. De meeste mensen snapte wel waarom ik die kant op was gegaan en wilde simpelweg alles weten. Best gek om in Israël aan Israëliërs te vertellen hoe de wereld er 30 kilometer verderop uitziet…

Nadat we al mijn avonturen hadden doorgenomen merkte ik toch dat al snel de nationalistische en vaderlandslievende toon weer de boventoon voerde. Een meisje grapte dat het enige Arabisch wat elke Israëliër kent ‘Wakef walla ana batuchak!’ is. Vrij vertaald betekent dit ‘Stop, of ik schiet!’. En hoewel ze het als grapje bedoelde vrees ik toch dat er een kern van waarheid in zit…

En daarmee sluit ik af! Geen foto’s deze keer… tijdens alle festiviteiten had ik helaas geen camera bij me. Dit weekend trekken we met de internationale studentenvereniging echter de woestijn in, dus daarvan krijgen jullie de foto’s dan volgende keer!

Wel mag je natuurlijk altijd een reactie achterlaten hieronder, dat vind ik alleen maar leuk!

Geniet van het mooie weer in Nederland en tot snel!

Boris

Blog 4 - Prachtige week op de West-Bank en een nog mooier verjaardagsweekend met mijn familie!

 

Hallo allemaal!

Het is alweer een tijdje geleden maar daar ben ik dan weer met hopelijk een heleboel leuke verhalen. Vorige keer vertelde ik jullie over de gebeurtenissen in Gaza en de nasleep die daarop volgde… inmiddels is de storm gelukkig weer gaan liggen en merk je er eigenlijk, zeker in Israël, vrij weinig meer van. Ook op de West-Bank, waar ik was ten tijde van de gebeurtenissen, ging alles binnen een paar dagen weer over op de orde van de dag. Ik besloot dieper de West-Bank in te gaan en dat was een goeie keuze! De woestijnachtige landschappen die ik daar tegenkwam waren zonder meer schitterend. Als eerste bezocht ik Jericho, een klein stadje gelegen in een prachtige vallei aan de voet van de ‘Mount of Temptation’, waar volgens de Bijbelse verhalen Jezus ooit uitgedaagd werd door de duivel en 40 dagen gevast heeft.  De fruitverkoper onder aan de berg bleek een dochter in Nederland te hebben en zelfs een beetje Nederlands te spreken. De eerste ‘Nederlander’ sinds ik een maand ervoor van huis was vertrokken, best even wennen weer! Maar goed, grappig was het wel dus onder het genot van wat fruit en heerlijke dadels praatte deze man me bij over de regio. Toen de zon bijna onder ging besloot ik snel nog even de berg op te gaan, een goeie beslissing want mede door de ondergaande zon was het uitzicht over de vallei adembenemend! Boven op de berg kwam ik de 3 Zweden weer tegen die ik eerder op de dag bij de Dode Zee had ontmoet. Want ja, daar was ik ook nog even snel geweest! Even dobberen op de Dode Zee was een hele aparte ervaring maar wel heel bijzonder! Toch wel een bucketlist-dingetje dus ik ben blij dat ik het gedaan heb.

De volgende dag reisde ik door naar Nablus, een ander Palestijns stadje in het noorden van de West-Bank. De eigenaar van het hostel had me een week van tevoren al toegevoegd als vriend op Facebook en zelfs geappt over hoe blij hij wel niet was met mijn komst. Ik was dus heel benieuwd. En eerlijk is eerlijk, het stelde niet teleur. Het hostel bleek de bovenste verdieping te zijn van het kantoor van de hosteleigenaar, die in het dagelijks leven engineer was, en dit zorgde voor de nodige hilariteit. Bij aankomst gelijk 17 verschillende selfies gemaakt met Bakr, zo heette de eigenaar, en ik werd zelfs uitgenodigd om mee te gaan naar een bijzondere bijeenkomst die avond in het centrum van Nablus. Zo’n aanbod kon ik natuurlijk niet weigeren. Wat ik toen nog niet wist is dat het uiteindelijk een besloten bijeenkomst bleek te zijn van de engineers-association waar Bakr lid van was. Daar kwam ik pas achter toen we de zaal binnenstapte waar 300 andere Palestijnse engineers aan het luisteren waren naar speeches van mannen die zich verkiesbaar hadden gesteld om president van de engineers-association te worden. Juist ja… ik moet zeggen dat ik me zelden zo ongemakkelijk heb gevoeld maar Bakr verzekerde me dat het helemaal oké was dat ik daar als toerist bij was. Wel was hij even vergeten dat ik geen Arabisch sprak waardoor ik dus ongeveer anderhalf uur naar speeches in het Arabisch moest luisteren zonder dat ik er ook maar iets van begreep. Achja, al met al was het een ervaring om nooit te vergeten. Bakr was eigenlijk gewoon de belichaming van Arabische gastvrijheid. De volgende dag bracht ik door in Nablus, en dan vooral op het dakterras van het hostel waar je een schitterend uitzicht had over de rest van de stad.

Daarna zat mijn week op de West-Bank er jammer genoeg al weer op en haastte ik me terug naar Tel Aviv. Dat weekend zouden mijn vriendin, moeder en mijn zusje me namelijk komen opzoeken voor mijn verjaardag! En daar had ik ook ontzettend veel zin in. Het waren een paar geweldige dagen! Zaterdag waren ik en mijn moeder samen jarig, en ik was ontzettend blij dat ik dat met de vrouwen uit mijn leven kon delen ? Ze zijn allemaal op slag verliefd geworden op Tel Aviv en het was geweldig om ze de stad te laten zien. Ook zijn we naar Herzliya geweest zodat ze konden zien waar ik woonde, en hebben we heerlijk op het strand gelegen. Helaas kwam ook daar weer een einde aan en moest ik na twee weken vakantie terug naar school! Dylan en Tucker waren ook weer terug uit de VS en alles ging weer ‘back to normal’. Gelukkig went dat ook weer snel. Volgende week is het hier Independence day, een beetje wat bij ons koningsdag is en dan staat heel Tel Aviv op zijn kop. Daarover vertel ik jullie volgende keer!

Ik heb ook maar weer wat foto’s toegevoegd van mijn avonturen op de West-Bank! Hopelijk vinden jullie het wat!

Groetjes en liefs!

Boris

Blog 3 - Jeruzalem, te gast bij de Palestijnen en de rouw om Gaza.

Hallo allemaal! 

Na alle verschrikkelijke gebeurtenissen in de Gaza-strook gisteren en de vele bezorgde appjes die daarop volgde wilde ik op deze manier toch nog even wat van me laten horen. Voor wie het gemist heeft, gisteren zijn er bij protestacties op de Gaza-strook meer dan 15 doden gevallen en meer dan 1400 mensen gewond geraakt. Voor zover ik weet allemaal Palestijnen. Ik ben sinds een aantal dagen op Palestijns grondgebied en het is ontzettend bijzonder om te zien hoe iedereen omgaat met deze gebeurtenissen. Zo is er vandaag een nationale dag van rouw afgekondigd, is alles dicht en rijden mensen toeterend met Palestijnse vlaggen door de straten. Ik ben momenteel in Ramallah, de culterele hoofdstad van de Palestijnen. Hier staakt iedereen en hangt de Palestijnse vlag overal halfstok. De muren zijn beplakt met posters van gestorven Palestijnen en met cartoons over bijv. Donald Trump en Netanyahu. De diepe haat tegen Israel is overal merkbaar, maar desondanks zijn de Palestijnen ontzettend gastvrij en behulpzaam en ik voel ik me alles behalve onveilig o.i.d. integendeel zelfs! 

Toevallig was ik een aantal dagen geleden in Bethlehem, dat inmiddels toebehoort aan de Palestijnen en door middel van een 12 (!) meter hoge muur afgescheiden is van Israël. Mede dankzij de graffiti-artiest Banksy is die plek een centrum van weerstand tegen de Israelische bezetting geworden. Het is lastig uit te leggen hoe indrukwekkend die muur en zijn beschilderingen waren, maar ik zal wat foto's uploaden zodat jullie het kunnen zien. Ik moet zeggen dat het ontzettend waardevol is om na een paar weken in Israël ook de andere kant van het verhaal can dichtbij mee te maken. Een donkere kant, waar je in Israël zelf vrijwel niks over hoort. 

Laat ik de blog dan afsluiten met nog wat vrolijkere verhalen. Want het is hier echt niet alleen maar kommer en kwel hoor. De gebeurtenissen van gister hakken er gewoon flink in bij iedereen hier. Maar aan het begin van de week was ik dus in Jeruzalem. Een stad die naar mijn mening zo bijzonder was dat iedereen hem in zijn of haar leven gezien moet hebben. Hoewel de Joodse en Islamistische bevolkingen daar ook volledig van elkaar gescheiden leven in hun eigen wijken, lopen die wijken praktisch in elkaar over en wandelen zowel Joden als Moslims probleemloos door elkaars buurten. Ze moeten wel, de oude stad is niet zo groot.. is omringd door een eeuwenoude stadsmuur en heeft slechts een aantal toegangspoorten. Als je eenmaal door zo'n poort liep was het alsof je terug in de tijd ging, althans zo voelde ik het. De nauwe straatjes waar alleen voetgangers kunnen komen en waar elke vierkante meter volgebouwd is met kraampjes en marktstalletjes. De contrasten binnen een klein gebied zijn daar zo ontzettend groot. Van gepensioneerde mannetjes die lurkend aan een waterpijp hun oude dag slijten op de stoep voor hun huis, vrouwen in Boerka die op de markt nieuwe lingerie inslaan en kinderen die tussen de gewapende soldaten vrolijk verder voetballen. Voor iedereen die er nog niet geweest is, ga ooit een keer naar jeruzalem! Je zal er geen spijt van krijgen. 

De komende dagen zal ik hier in Ramallah en in Nablus, een andere Palestijnse stad, doorbrengen waarna ik weer terug keer naar Israël. Binnekort zal ik nog wel een keer uitgebreid over alle avonturen hier vertellen! Deze blog was eigenlijk meer bedoelt om de situatie hier te schetsen.. maak jullie geen zorgen, ik doe voorzichtig!

Bekijk de foto's nog even mocht je dat leuk vinden en tot snel!

Boris

Blog 2 - "And as a magic touch, God created the Dutch..."

Shalom!

Na iets meer dan 2 weken in Israël vond ik het wel tijd om weer eens wat van me te laten horen. Want hoewel ik pas 2 weken weg ben voelt het eerlijk gezegd alsof het 2 maanden waren. Inmiddels gelukkig helemaal gewend aan het leven hier. Hoewel ik me nog wel elke dag blijf verbazen over het klimaat… de ene dag is het 35 graden en de volgende dag 22, maar eigenlijk nooit lager dan dat. Het klimaat hier lijkt best wel op dat van Texas en Californië, dus mijn huisgenoten zijn het allang gewend. Maar als ik dan de berichten over de kou en sneeuw uit Nederland voorbij zie komen prijs ik mezelf toch heel gelukkig.

De campus van de universiteit is ook helemaal ingesteld op het warme weer. Overal staan tafels en stoelen buiten en er zijn genoeg grasveldjes om even op neer te ploffen tussen de lessen door. De airconditioning in de gebouwen werkt daarentegen iets te goed… waardoor iedereen standaard een trui bij zich heeft voor tijdens de colleges. Ik heb inmiddels van al mijn vakken wel een aantal lessen gehad en ook daar gaat alles eigenlijk best wel hetzelfde als in Nederland. Het enige opvallende verschil is eigenlijk dat Professor hier een hele goedbetaalde baan is waar je opvallend weinig voor hoeft te doen. Zo krijg ik les van onder andere oud-ministers, een voormalig burgemeester van Jerusalem, vredesonderhandelaren en van het hoofd van Israëls nucleaire programma… zo zie je maar. De meeste van hen hebben gewoon nog een andere baan en komen alleen naar de universiteit om een of twee bepaalde vakken te geven. Al mijn 8 vakken gaan over Israël en het Midden-Oosten, dus de aanwezigheid van al die docenten maakt alles wel extra bijzonder. Ook wel interessant om te zien is hoe de docenten allemaal keurig politiek correct lesgeven en situaties en conflicten in het Midden-Oosten heel objectief behandelen. De meeste internationale studenten lukt dit ook nog wel, althans ze proberen het. De Israëlische studenten daarentegen zijn allesbehalve objectief. En dit bedoel ik niet denigrerend, maar het is gewoon fascinerend om te zien hoe deze hoogopgeleide studenten met de situatie omgaan. Niet dat ik ze dat kwalijk neem, ergens is het natuurlijk hartstikke logisch… maar toch voelt het vreemd dat dit de volgende generatie is van het land. Een generatie die waarschijnlijk allemaal belangrijke functies gaan bekleden binnen de Israëlische maatschappij. Als je dan iemand hoort zeggen dat het na 70 jaar praten wel weer eens tijd wordt voor een harde aanpak, of soms zelfs letterlijk iets als “It is our land, if the Palestinians don’t want to leave I think we should kill them all…” dan vind ik dat toch zorgwekkend. Maar gelukkig is de overgrote meerderheid wat genuanceerder, en zijn de lessen mede daardoor echt waanzinnig interessant.

Verder zit ik hier bij een soort internationale studievereniging waar ook veel Israëlische studenten bijzitten die ons wegwijs maken en evenementen organiseren. Zo is er vanavond bijvoorbeeld een Shabbat-diner met allemaal Israëlisch eten waar alle exchange-studenten dan naartoe kunnen. Echt heel tof dat ze dat soort dingen voor ons organiseren! Met dylan en tucker eet ik weliswaar ook weleens Israëlisch, maar meestal is het toch pasta bolognese of een broodje hamburger. Bovendien zijn ze allebei enorm fan van Nederland en Nederlands eten, met name de FEBO vonden ze echt een werelduitvinding… dus elke keer als het over Nederland gaat dan zingen ze bijna in koor “And as a magic touch, God created the Dutch…” Tja, wat moet je daar nou op zeggen? Verder hebben we alle drie nogal een hekel aan de supermarkt hier… dus dat helpt ook niet echt. Klantvriendelijkheid is hier gewoon niet gebruikelijk, wat af en toe best voor grappige situaties zorgt. Laatst bijvoorbeeld, toen was de mevrouw achter de kassa halverwege het scannen van mijn boodschappen toen ze gebeld werd. Zonder nadenken nam ze de telefoon op en begon aan een goed gesprek. Ongeveer een minuut of 7 later hing ze weer op, waarna ze zonder mij ook maar een blik waardig te gunnen verder ging met mijn boodschappen. Achja, wel een goed verhaal…

Verder vonden ze het hier na 2 weken school wel weer tijd voor vakantie. Nee oke, er is eigenlijk een best goede reden voor. Namelijk Pesach en Pasen. Daardoor heb ik nu 2 weken vrij. Dylan en Tucker gaan allebei even terug naar de verenigde staten en ik ga lekker door het land reizen. In ieder geval naar Jeruzalem, en ik hoop ook nog wat van de west-bank (Palestina) te zien. Maar goed, daarover meer in de volgende blog!

Nitrae meuhar yotar! (Tot later!)

O ja, en ik heb nog wat foto's ge-upload van Tel Aviv! Als het goed is te vinden onder het kopje 'Foto's' voor wie dat leuk vindt! 

Blog 1 - Eerste week in het beloofde land!

Hallo allemaal!

Na bijna een week in Israël is er al zoveel gebeurd dat ik het wel tijd vond voor een eerste blog! Toen ik uit Nederland vertrok had ik misschien wat lichte twijfels bij Israël… maar wat een ge-wel-dig land is dit! Allereerst het klimaat, nu al is het dagelijks minimaal 25 graden en ik heb geloof ik nog geen wolk gezien sinds ik hier ben! Als de zon onder is koelt het gelukkig wel snel af waardoor je ’s nachts alsnog onder een heerlijke deken kan slapen. Maar goed, om het overzicht te behouden zal ik proberen jullie enigszins chronologisch door mijn eerste week hier te leiden!

De allereerste Israëliër met wie ik in contact kwam was nogal een vreemde maar wel een hele aardige man. Hij zat naast me tijdens de vlucht hierheen en heeft denk ik een uur lang op zijn telefoon filmpjes teruggekeken van de bevalling van zijn kind… dit leek me niet bepaald een goed gespreksonderwerp dus het duurde even voor het gesprek op gang kwam. Maar uiteindelijk heeft hij me veel nuttige dingen vertelt waaronder hoe ik het snelst bij mijn hostel kwam, heel handig!

De volgende ochtend moest ik gelijk naar de universiteit in Herzliya, dat dus ongeveer 10 kilometer boven Tel Aviv ligt. Vanuit het centrum van Tel Aviv is dit normaalgesproken nog geen halfuurtje met de bus, maar als er file staat kan je er al snel 2 uur over doen dus ik vertrok op tijd. In de bus zaten al andere studenten die ook naar de introductiedag gingen en die de dag ervoor al even waren gaan kijken. Erg handig want de haltes worden in de bus alleen aangegeven in het hebreeuws, dus ik was blij dat ik achter hun aan kon hobbelen. Aangekomen bij de campus werden we gecontroleerd door de militairen die hier ten alle tijden de campus (maar ook andere openbare plaatsen zoals bus- en treinstations) dienen te bewaken. Of nouja… militairen… eerder mensen van mijn leeftijd die zich stierlijk verveeld door hun dienstplicht heen proberen te scrollen. De campus is verder ontzettend mooi en heel groen. Ik geloof dat er permanent 12 tuinmannen bezig zijn met het onderhoud van de campus! Ik kreeg een beetje het gevoel deel uit te maken van de Israëlische elite en dat klopt ook wel, aangezien ik later hoorde dat studenten hier 15.000 dollar collegegeld op moeten hoesten elk jaar. Ik heb die dag alle andere exchange studenten ontmoet die echt van over de hele wereld zijn gekomen. Gek genoeg verder geen Nederlanders, maar dat is ergens ook wel weer leuk. De lessen hier beginnen om 8 uur ’s ochtends en als je pech hebt kan je tot 9 uur ’s avonds op school zitten… maar gelukkig heb ik dus maar ongeveer 20 uur les per week dus dat zal niet zo vaak voorkomen. Na de introductiedag ging ik terug naar mijn hostel waar ik om half 7 in slaap viel… en de volgende ochtend pas weer wakker werd.

Na een welverdiende nachtrust ging ik vrijdag verhuizen naar mijn nieuwe appartement! Ik had alleen een sleutel en een adres gekregen dus ik had geen idee wat me te wachten stond. Uiteindelijk viel het gelukkig allemaal mee! Ik woon samen met twee Amerikanen, Dylan en Tucker. Dylan (27) is een joodse Amerikaan die ook de Israëlische nationaliteit heeft en zijn hele leven afwisselend in Los Angeles en Tel Aviv heeft gewoond. En Tucker (28) komt uit Texas en heeft het Amerikaanse leger na periodes in Irak en Afghanistan vaarwel gezegd om zich aan de universiteit te verdiepen in het Midden-Oosten. Allebei doen ze dus hun hele studie in Herzliya, en wonen ze dus ook al samen sinds oktober. Ik was even bang dat ik een soort derde wiel aan de wagen zou worden, maar ze hebben me echt ontzettend goed opgevangen. Dylan spreekt Hebreeuws en is me dezelfde dag nog gaan helpen bij alles wat ik nog moest kopen, en dan vooral met afdingen. Er zijn ontzettend veel Amerikanen hier en ik maak inmiddels al bijna onderdeel uit van de Amerikaans-Israëlische vriendengroep van Dylan en Tucker. Het is echt ontzettend fijn om te merken dat iedereen die ik hier ontmoet openstaat voor nieuwe ontmoetingen, nieuwe vriendschappen en mensen uit andere landen. In de eerste paar dagen zijn we o.a. naar het strand geweest en wezen stappen in de enige kroeg die Herzliya te bieden heeft. Want daar woon ik dus nu, in Herzliya! Een soort Delft eigenlijk… qua grootte en vooral aangezien het hele stadje om de universiteit draait. Herzliya is opgedeeld in 2 delen. Het stadsdeel, wat eigenlijk bestaat uit 1 lange straat waar je alles kan kopen wat je nodig hebt en het strandgedeelte wat volgebouwd is met peperdure hotels en waar je huizen kan vinden ter waarde van 50 (!) miljoen dollar. Daar in de rijkste wijk van Israël is echter niet zoveel te doen, behalve dus naar het strand gaan. Herzliya zelf is eigenlijk een best wel schattig stadje waar alles zich dus centreert rond die ene lange winkelstraat. Mijn appartement staat overigens in een zijstraatje van die straat, dus alles is heerlijk dichtbij!

Maar waren er dan helemaal geen tegenvallers in de eerste week? Jawel hoor, allereerst kan ik jammer genoeg geen Arabisch leren hier… maar aangezien Dylan dus hebreeuws spreekt denk ik dat ik dat ook best snel een beetje zal oppikken! Ook leuk en bovendien heel handig hier! En verder is Herzliya duur! Vooral de supermarkt is echt ontzettend prijzig… b-merken hebben ze hier namelijk niet en voor een biertje of een tube tandpasta betaal je al snel omgerekend 3 euro. Gelukkig heb ik van de Amerikanen geleerd dat groente goedkoper is bij de groenteboer en brood goedkoper is bij de bakker, dus ik red me wel. Bovendien zit er een falafelzaakje om de hoek waar je voor 5 euro een complete maaltijd hebt, dus waar zeur ik eigenlijk over ?

Komende dagen zullen mijn eerste echte schooldagen hier zijn! Tucker heeft een aantal vakken die ik ook heb dus dat is wel leuk. En verder gaan we vrijdag een Shabbat-diner koken met wat vrienden. Kortom, gaat helemaal goedkomen hier! Deze blog is alweer veel langer geworden dan ik had verwacht dus de rest zal ik bewaren tot de volgende keer!

Todagaba i lehitrahot! (Bedankt en tot snel!)

Boris 

(of Bryce… mijn inmiddels Amerikaanse bijnaam)

  • «
  • »